Liturgie: Valthermond 16 mei 2021

Valthermond 16 mei 2021

Orde van dienst

Woord van welkom en mededelingen
Aanvangslied: Psalm 62: 1 en 5 Mijn ziel is stil
https://www.youtube.com/watch?v=UBt_orHIW34
Stilte
Votum en groet
Orgelspel
Verootmoedigingsgebed
Genadeverkondiging
1 JOHANNES 2: 7-17
Geliefde broeders en zusters, ik houd u in deze brief geen nieuw gebod voor maar een oud, dat u vanaf het begin bekend is. Dat oude gebod is de boodschap die u gehoord hebt. Toch is het ook een nieuw gebod, omdat de duisternis wijkt en het ware licht al schijnt, en dit is werkelijkheid in Jezus’ leven en in uw leven. Wie zegt in het licht te zijn maar zijn broeder of zuster haat, bevindt zich nog altijd in de duisternis. Wie de ander liefheeft, blijft in het licht en komt niet ten val, maar wie de ander haat, bevindt zich in de duisternis. Hij gaat zijn weg in het duister, zonder te weten waarheen die weg voert, want de duisternis heeft hem blind gemaakt.
Kinderen, ik schrijf u dat uw zonden u vergeven zijn omwille van zijn naam. Ik schrijf u, ouderen: u kent hem die er is vanaf het begin. Ik schrijf u, jongeren: u hebt hem die het kwaad zelf is overwonnen. Kinderen, ik schrijf u dus dat u de Vader kent. Ouderen, u schrijf ik: u kent hem die er is vanaf het begin. Jongeren, u schrijf ik: u bent sterk, het woord van God blijft in u, en u hebt het kwaad overwonnen.
Heb de wereld en wat in de wereld is niet lief. Als iemand de wereld liefheeft, is de liefde van de Vader niet in hem, want alles wat in de wereld is – zelfzuchtige begeerte, afgunstige inhaligheid, pronkzucht –, dat alles komt niet uit de Vader voort maar uit de wereld. De wereld met haar begeerte gaat voorbij, maar wie Gods wil doet blijft tot in eeuwigheid.

NLB 836: 1 en 2 O Heer, die onze Vader zijt
https://youtu.be/j_cnP0hEwcU
Gebed om verlichting met de Heilige Geest
Lezing: Matteüs 17: 1-8
Zes dagen later nam Jezus Petrus, Jakobus en diens broer Johannes met zich mee een hoge berg op, waar ze alleen waren. Voor hun ogen veranderde hij van gedaante, zijn gezicht straalde als de zon en zijn kleren werden wit als het licht. Plotseling verschenen aan hen Mozes en Elia, die met Jezus in gesprek waren. Petrus nam het woord en zei tegen Jezus: ‘Heer, het is goed dat wij hier zijn. Als u wilt zal ik hier drie tenten opslaan, een voor u, een voor Mozes en een voor Elia.’ Hij was nog niet uitgesproken, of de schaduw van een stralende wolk gleed over hen heen, en uit de wolk klonk een stem: ‘Dit is mijn geliefde Zoon, in hem vind ik vreugde. Luister naar hem!’ Toen de leerlingen dit hoorden, wierpen ze zich neer en verborgen uit angst hun gezicht. Jezus kwam dichterbij, raakte hen aan en zei: ‘Sta op, jullie hoeven niet bang te zijn.’ Ze keken op en zagen niemand meer, Jezus was alleen.
NLB 836: 4 en 5
https://youtu.be/RbPh_cnivag
Lezing: 1 Koningen 19: 8-18
Elia stond op, en toen hij had gegeten en gedronken liep hij, gesterkt door dit voedsel, veertig dagen en veertig nachten door de woestijn, tot hij bij de Horeb kwam, de berg van God. Daar ging hij een grot binnen om er de nacht door te brengen.
Toen richtte de HEER zich tot hem met de woorden: ‘Elia, wat doe je hier?’ Elia antwoordde: ‘Ik heb me met volle overgave ingezet voor de HEER, de God van de hemelse machten, maar de Israëlieten hebben uw verbond met hen naast zich neergelegd, uw altaren verwoest en uw profeten gedood. Ik ben als enige overgebleven, en nu hebben ze het ook op mijn leven voorzien.’ ‘Kom naar buiten,’ zei de HEER, ‘en treed hier op de berg voor mij aan.’ En daar kwam de HEER voorbij. Er ging een grote, krachtige windvlaag voor de HEER uit, die de bergen spleet en de rotsen aan stukken sloeg, maar de HEER bevond zich niet in die windvlaag. Na de windvlaag kwam er een aardbeving, maar de HEER bevond zich niet in die aardbeving. Na de aardbeving was er vuur, maar de HEER bevond zich niet in dat vuur. Na het vuur klonk het gefluister van een zachte bries. Toen Elia dat hoorde, sloeg hij zijn mantel voor zijn gezicht. Hij kwam naar buiten en ging in de opening van de grot staan, en daar klonk een stem die tot hem sprak: ‘Elia, wat doe je hier?’ Elia antwoordde: ‘Ik heb me met volle overgave ingezet voor de HEER, de God van de hemelse machten, maar de Israëlieten hebben uw verbond met hen naast zich neergelegd, uw altaren verwoest en uw profeten gedood. Ik ben als enige overgebleven, en nu hebben ze het ook op mijn leven voorzien.’ De HEER zei tegen Elia: ‘Keer terug en ga naar de woestijn van Damascus. Daar aangekomen moet je Hazaël tot koning van Aram zalven. Jehu, de zoon van Nimsi, moet je zalven tot koning van Israël, en Elisa, de zoon van Safat, uit Abel-Mechola, moet je tot je eigen opvolger zalven. Wie ontkomt aan het zwaard van Hazaël, zal gedood worden door Jehu. En wie ontkomt aan het zwaard van Jehu, zal gedood worden door Elisa. Ik zal in Israël niet meer dan zevenduizend mensen in leven laten, alleen degenen die niet voor Baäl hebben geknield en hem niet hebben gekust.’

NLB 892 Niet in’t geweldige geluid
https://www.youtube.com/watch?v=Tq87UUDWEGE
Preektekst: 1 Koningen 19: 3 en 4
Elia werd bang en vluchtte om zijn leven te redden. Bij Berseba in Juda aangekomen liet hij zijn knecht achter en zelf trok hij één dagreis ver de woestijn in. Daar ging hij onder een bremstruik zitten, verlangend naar de dood, en zei: ‘Het is genoeg geweest, HEER. Neem mijn leven, want ik ben niet beter dan mijn voorouders.’
Preek
Orgelspel
Geloofsbelijdenis

Ik geloof in God,
schepper van hemel en aarde,
Vader van alle mensen.
Ik geloof in Jezus Christus,
die gekomen is om te bemoedigen en te genezen,
om ons te bevrijden van alle onrecht,
om Gods vrede bij de mensen te verkondigen.
Hij heeft zich gegeven voor de wereld.
Hij is in ons midden de levende Heer.
Ik geloof in Gods Geest,
die werkzaam is in alle mensen die er ontvankelijk voor zijn.
Ik geloof in de kerk van Christus,
die, uitgerust met de kracht van de Geest,
gezonden is om de mensen te dienen.
Ik geloof in de vergevende liefde van God,
die de macht van de zonde zal breken
in ons en in alle mensen.
Ik geloof dat de mens zal leven
van Gods leven voor altijd.
Amen.

Psalm 65: 1 en 3 (Nieuwe berijming) gespeeld en gelezen

Vanuit de stilte klinkt ons zingen,
God, die in Sion woont.
De dank voor al uw zegeningen
ontvangt U waar U troont.
U luistert als we tot U spreken.
Tot U komt al wat leeft.
De zonden konden mij niet breken,
omdat U ons vergeeft.

De bergen plant U in de aarde;
U bent bekleed met macht.
De bulderende zee bedaarde,
bedwongen door uw kracht.
Uw wonderen doen volken buigen,
U tempert hun tumult.
Elk mens begint voor U te juichen,
met diep ontzag vervuld.

Dank en voorbede
NLB 313.: 1 en 5 Een rijke schat aan wijsheid
https://www.youtube.com/watch?v=forkMzPusQY
Wegzending en zegen
Orgelspel